Columns en Archief

Onoprecht

10 december 2018
Door: Jeffrey Wijnberg

Een houding waar geen oprechtheid uit af te lezen valt, wordt al gauw afgekeurd. Mensen zeggen dan: ‘hij heeft wel zijn excuses aangeboden, maar ik kreeg niet de indruk dat hij het echt meende, dus geef ik er geen cent voor’. Onoprechtheid wordt niet gewaardeerd. En ik kan alleen maar zeggen: jammer.

Want onoprechtheid is belangrijker dan menigeen denkt. Om met een praktisch voorbeeld te beginnen: mannen zijn gemakkelijker te paaien wanneer hun vrouwelijke partner, met enige regelmaat een compliment uitdeelt. Wat laat de praktijk zien: dat compliment hoeft niet eens oprecht gemeend te zijn om wel als positief ervaren te worden. In dit verband zou je ook kunnen zeggen: ‘een kinderhand in gauw gevuld’. Overigens geldt ook het omgekeerde: de man die, bijvoorbeeld, zegt ‘schat, wat fijn dat je weer de moeite hebt genomen om een maaltijd op tafel te zetten’, hoeft het eten niet eens echt lekker te vinden om toch een glimlach om haar mond te toveren. En dan is er nog een ander psychologische fenomeen belangrijk, namelijk deze: hoe vaker iemand zichzelf oplegt om vrolijk en vriendelijk te zijn, zal het, na verloop van tijd ook steeds meer zo gaan voelen; een fenomeen, beter bekend als: ‘fake it ‘till you make it’. Doen alsof je aardig, meewerkend, belangstellend, betrokken of constructief denkend bent, zorgt ervoor dat je, als het ware, in een positieve stemming komt; en dat terwijl de oorspronkelijke stemming nog minnetjes of neutraal kan zijn. Overigens, het is nogal een opgave om in alles wat de mens aan zijn medemens te melden heeft, bij voortduring, oprecht te zijn. Goed beschouwd kan dat ook helemaal niet, vooral omdat veel menselijk contact aan elkaar hangt van impliciete regels en sociale beleefdheden. De meeste mensen zullen zich (automatisch) verontschuldigen wanneer zij tegen je aanbotsen. Dat doen zij in een reflex; en de reactie daarop is dan ook vaak weer een reflex: ‘ja ok, kan gebeuren’. Niets van dit gedrag hoeft oprecht te zijn om toch de plooien weer glad te kunnen strijken. Mensen die een hekel aan ruzie hebben zullen ook gemakkelijker de ander zijn gelijk gunnen; niet omdat zij oprecht geloven in hun eigen ongelijk, maar veel eerder omdat zij willen streven naar harmonie. De conclusie wordt steeds helderder: als iedereen alleen maar oprecht zou zijn in wat hij te melden heeft, dan zou er weinig gezelligs meer te beleven zijn. Bovendien: elk leerproces begint met ‘doen alsof’.

Ook als therapeut kan ik, bijvoorbeeld, voorwenden dat ik iets niet begrijp (dommetje spelen) met als achterliggende doel de patiënt er toe te bewegen zijn problemen duidelijker en concreter te laten verwoorden. Mijn (onoprechte) domheid als middel om andermans slimheid aan te wakkeren. Zijn wie je (oprecht) bent is een mooi streven. Maar zonder echte onoprechtheid kom je er niet.

 


Lees ook:

Bekijk alle columns

Reacties

Er heeft nog niemand gereageerd op deze pagina.

RSS feed van de reacties op deze pagina | RSS-feed voor alle reacties

Plaats uw reactie